← Terug naar kennis
Zonne-energie

Zonnepaneel bij de tent of op de camper: wanneer het loont

Een paneel laadt een powerstation bij. Onder bomen en in de Hollandse herfst vervangt het de paal niet.

Zonnepaneel bij de tent of op de camper: wanneer het loont

Een zonnepaneel op de camping voelt als vrije stroom. Soms is dat waar. Vaker is het een bescheiden bijlader voor een powerstation, en geen vervanging van de paal zodra je wilt koken of een nacht wilt koelen. De folder laat een paneel zien in een weiland om twaalf uur in juni. De plek laat een heg, een boom en een caravan zien die om vier uur de zon pakken. Dat verschil is de hele aankoop.

Een paneel maakt van licht watt, op het moment dat het licht er is. Het bewaart niets. Zonder accu is de opbrengst weg op het moment dat je hem nodig hebt, namelijk ’s avonds als de lampen aan gaan. Daarom hoort een paneel bij een tank: een powerstation of de huishoudaccu van een camper. Welke tank bij een weekend past, en wanneer een aggregaat een slechter idee is, staat in powerstation of aggregaat.

Wat een paneel op een goede dag doet

Een draagbaar paneel van rond de 100 watt levert dat getal alleen in volle zon, recht op de panelen, zonder bewolking. “100 watt” is een piek onder testcondities, geen belofte per uur op de Veluwe. Op een heldere zomerdag kun je daarmee enkele honderden wattuur in een accu krijgen, als je hem een paar uur goed legt en af en toe draait. Onder bomen, achter de caravan of met de lage zon van het naseizoen zakt dat hard terug. Campings staan vol schaduw. Dat is fijn voor de tent en lastig voor het paneel.

Een wolk is geen aan-uit-schakelaar, maar een serie van hen wel. Een paneel in lichte schaduw van een tak levert niet “een beetje minder”. Een streep schaduw over een rij cellen kan de opbrengst van het hele paneel kelderen. Daarom wint een klein paneel in de volle zon het van een groot paneel half onder de luifel. Leg hem waar de zon het langst blijft, niet waar hij mooi bij de foto staat.

Richt het vlak zo haaks mogelijk op de zon. Plat op het gras in juni om twaalf uur is aardig. Plat op het gras in september om vijf uur is een sierobject. Een simpel frame of een stoel als schoor is genoeg. Je hoeft hem niet tot op de graad te volgen. Eén keer verzetten als je koffiezet, haalt meer op dan een duurder paneel dat de hele middag naar de heg kijkt.

Warmte helpt niet mee. Een paneel in de volle zon wordt heet en levert dan iets minder dan het koude testcijfer. Dat is normaal. Afdekken “tegen de hitte” dekt ook het licht af. Ventilatie onder het paneel, dus niet plat op een donker zeil plakken, is genoeg.

Tent of camper

Bij een tent is een vouwpaneel logisch: je legt het in de zon en koppelt het aan het powerstation. Je haalt het weg als het gaat regenen of als de buurman moet keren. Een los paneel op het gras is geen installatie, het is een snoer waar mensen over struikelen. Leg het snoer langs de tent, niet over het pad. Het station zelf blijft droog onder de luifel. Het paneel mag nat worden als de maker dat zegt. De koppeling ertussen meestal niet. Die hoort uit de plas, net als een CEE-stekker, met een boog in de kabel zodat water eraf druipt.

Een vouwpaneel van deze maat laadt een compact station bij, het type uit de vergelijking van lichte powerstations. Reken niet op een volle tank als je om elf uur aankomt en om zes uur de zon kwijt bent. Reken op een aanvulling: de telefoons, een deel van de lampen, een stuk van wat de koelbox overdag heeft gepakt. De nacht moet al in de tank zitten voor de zon weg is. Is die tank te klein voor de koelbox, dan maakt het paneel het tekort niet goed op een gewone kampeerdag.

Op een camper ligt het paneel vast en laadt het de huishoudaccu terwijl je rijdt of staat. Dat loont als je vaker zonder paal staat. Het loont niet als je elk weekend op een plek met 10A staat en het paneel alleen de lampen doet die de paal ook had gedaan. Een vast paneel kijkt één kant op. Rijd je de plek op met het dak naar het noorden of onder een boom, dan staat hij het weekend uit, letterlijk. Kiezen waar je staat is dan onderdeel van de installatie. Op een vol terrein kies je niet. Dan is de paal de installatie en het paneel een meevaller onderweg.

Een los paneel op de grond naast een camper die al een dakpaneel heeft, is soms eerlijker dan een tweede paneel op het dak. Je zet hem in de zon die het dak niet ziet. Je haalt hem weg als je vertrekt. Je laat hem niet liggen als het gaat waaien. Een paneel is een zeil: bij wind gaat hij de tent in, niet de nacht in als een los zeil aan een snoer.

De paal blijft het zware werk doen

Koken, een waterkoker, een föhn en een kachel horen niet op een draagbaar paneel. Die vragen honderden tot duizenden watt op het moment zelf. Een paneel van 100 watt levert die piek nooit, ook niet “als de accu helpt”, tenzij de accu die piek al had opgeslagen en groot genoeg is. De paal levert die piek wel, binnen het ampère-getal van de plek. Dat getal, en waarom een waterkoker op 6A vaak niet past, staat in 6A, 10A of 16A.

Gebruik het paneel dus voor de stille laag: bijladen terwijl je weg bent, de lampen, de telefoons, een deel van de koelbox als de som in wattuur klopt. Die som maak je in de keuzehulp vóór je een paneel de taak geeft die een paal veel eenvoudiger doet. Trek van de uitkomst af wat een realistische dag oplevert, niet de piek op de sticker. Blijft er een gat over voor de nacht, dan is de accu te klein of het verbruik te hoog. Een groter paneel in de schaduw vult dat gat niet.

Wanneer je het beter kunt laten

  • Je verbruik is een koelbox plus koken. Daar is een paal of een grotere accu eerlijker dan een klein paneel.
  • Je staat structureel in de schaduw. Dan koop je een zonnescherm, geen extra watt-piek.
  • Je hebt nog geen accu. Een paneel zonder ergens de energie te laten landen is een snoer met een stekker.
  • Je kampeert vooral weekenden op terreinen met een paal en rijdt zelden een dag zonder aansluiting. Het paneel verdient zich dan terug in gedoe, niet in wattuur.

Een paneel is de moeite waard als je het licht kunt pakken én een lege accu hebt die dat licht kan gebruiken. Dat is een doordeweekse dag op een rustige plek, een camper die vaker vrij staat, of een tentweekend waarin de paal alleen ’s avonds krap is en de middagzon de tank aanvult. Het is een slechte aankoop als troost omdat de zekering viel. De zekering viel door te veel watt tegelijk. Een paneel voegt over een uur minder toe dan de waterkoker in vier minuten verbruikt.

Aansluiten zonder een tweede ergernis

Gebruik de kabel en de stekker die bij het station horen. Welke namen daarop staan, staat in de kabel tussen paneel en powerstation. Een “bijna dezelfde” connector uit een andere doos past net niet en maakt een warm contact. Houd de kabel kort. Een paneel op twintig meter van de accu is een paneel dat in andermans zon ligt en een struikeldraad wordt. Dichterbij, goed gericht, is meer waard dan verder en scheef.

Zet het station niet in de volle zon naast het paneel om “een setje” te maken. De accu wil schaduw, het paneel wil zon. Dat zijn twee plekken. Het snoer ertussen is kort genoeg als je de tent als grens gebruikt: paneel op het zuiden, station onder het katoen.

Haal hem binnen als je weggaat. Een vouwpaneel is licht en gewild, en een windvlaag legt hem op de rijbaan. Berg hem droog op, zonder de cellen te knikken. Een vaste kreuk in een vouwpaneel is een dode strook. Vouw hem zoals hij uit de hoes kwam, niet als een landkaart in de haast.

Panelen die op een station passen

Een vouwpaneel hoort bij de zoningang van het station. Welke stekker dat is, en waarom het watt-piek-getal een middag in juni is, staat in zonnepaneel aansluiten op een powerstation.

De termen watt-piek, wattuur en schaduw staan kort bij elkaar in het Kennis-ABC. De rest van de keuze is een middag eerlijk kijken waar de zon op jouw soort plekken valt. Ligt die zon er, en heb je een accu die hem kan bergen, dan is een paneel een rustige aanvulling. Ligt hij er niet, dan blijft de paal de stroom, en is een haspel van de juiste dikte meer waard dan een extra watt op de doos. Alle gidsen naast elkaar vind je op Kennis.

Keuzehulp

Reken deze dag uit

Zet de apparaten uit deze gids op een rij. Het totaal is wattuur. Het zwaarste apparaat is het getal voor de paal.

Open de keuzehulp

Bij deze gids

Vragen die erbij horen

Nee. Een paneel vult het station bij. Het vergroot de tank niet en het levert de piek van een waterkoker niet. Op een bewolkte dag of onder een boom is het een extraatje.

Op de ingang van het powerstation, met de kabel die daarbij hoort. Niet op de paal, en niet via een willekeurige verloop. De dikte en de stekker staan in de gids bij dat station.

Minder dan het etiket bij volle zon. Reken de nacht eerst in de keuzehulp. Kijk daarna of de middag dat gat dicht. Doet hij dat niet, dan is het paneel te klein of de plek te donker.

Zet de apparaten uit de tekst in de keuzehulp. Wattuur is de tank voor het station. Het zwaarste watt-getal is het getal voor de paal.

De paal is hetzelfde. Wat je erop zet, niet. Een waterkoker van 1.500 watt is op 6 ampère te zwaar, of je nu in een tent staat of in een camper. Het verschil zit in hoe lang iets aanstaat, en of je een eigen accu meeneemt.